Gebruik spoorbrug

De spoorbrug werd voor het eerst gebouwd in 1856. In 1922 werd er aan de noordzijde van het enkelspoor een openbare fiets- en voetgangersverbinding gemaakt. Na de vernieling van de brug in de Tweede Wereldoorlog werd het spoor hersteld maar de langzaamverkeersverbinding niet. Ondanks de nabijheid van de Noorderbrug en de Wilhelminabrug kan herstel van een fiets- en loopverbinding bij de spoorbrug van waarde zijn voor fietsers en voor wandelaars. En herstel is ook mogelijk, hetzij door het opnieuw aanhangen van een fietsbrug, hetzij door het aanbrengen van een fietspad over het spoor zelf zolang het toch niet wordt gebruik voor treinverkeer.

Belangrijke verschillen van de spoorbrug ten opzichte van de nabij gelegen Noorderbrug zijn het ontbreken van autoverkeer en de lagere ligging. Naar schatting ligt het hoogste (=opgetilde) deel van de spoorbrug nog altijd zo’n 3,5 meter lager dan het hoogste punt van de Noorderbrug, wat verschillende voordelen heeft.

Het spoor ligt vele meters lager dan de Noorderbrug
Deze foto laat zien dat voor de Noorderbrug een grote klim nodig is en het spoor vele meters lager ligt.

Kwaliteiten van een fietspad over of langs de spoorbrug:

  • Vanaf de Boscherweg en vanaf de Viaductweg (via F. de Veijestraat) is er geen hoogteverschil van betekenis, wat zeer prettig fietst. De spoorlijn sluit op vanzelfsprekende wijze aan op de Boscherweg aan de westkant en de Francois de Veijestraat aan de oostzijde.
  • Door de lage ligging is de brug ook direct vanaf de Maasoevers bereikbaar te maken waardoor er een meer rechtstreekse verknoping kan worden gemaakt met fietsroutes langs de Maasoevers.
  • Vanaf de Borgharenweg (Beatrixhaven, Limmel, Bunde) is het via de Francois de Veijestraat en spoorbrug mogelijk om een kortere en snellere verbinding over de Maas te maken dan via de Noorderbrug. Want door het opheffen van de oversteekmogelijkheid bij de brandweerkazerne moeten fietsers die vanuit Limmel naar de Noorderbrug rijden omrijden via de Borgharenweg en daarbij ook enkele drukke kruispunten met verkeerslichten oversteken. Dat is geenszins vlot en minder goed dan nu.
  • De oversteek is op zichzelf slechts 250 meter, de beleving van korte afstand tussen de oevers bevordert het gebruik. Dat is geheel anders dan bij de Noorderbrug waar de afstand tussen het de routekeuzepunten aan weerszijden van de Maas minimaal 750 meter is en de fietsers ook in hun aansluitende routes nog een flink stuk langs zware autoinfrastructuur moeten rijden. In de beleving van fietsers is de Noorderbrug dan ook minimaal drie keer zo lang als de spoorbrug.
  • Door het ontbreken van gemotoriseerd verkeer is de omgevingskwaliteit vele malen beter dan op de Noorderbrug.

Nadelen van een fietsroute over het spoortracé zijn natuurlijk het ontbreken van toezicht vanuit passerende auto’s en het kruisen van het bedrijventerrein bij Sappi.

Het is natuurlijk jammer maar niet onoverkomelijk dat er tussen bedrijfsterreinen moet worden gefietst. En de bedrijven zijn natuurlijk ook een bestemming (Sappi alleen heeft ongeveer 400 man personeel).

Functies van een fietspad over of langs de spoorbrug:

  • aantrekkelijk alternatief voor Noorderbrug in het bijzonder voor fietsverkeer Boschpoort, Limmel, Beatrixhaven en noordelijke plaatsen buiten Maastricht,
  • schakel in recreatieve fietsroutes langs de Maas,
  • schakel in wandelroutes (itt Noorderbrug die voor voetgangers veel te lang, te hoog en onaangenaam is),
  • een als veilig ervaren alternatief voor de Wilhelminabrug als er een tramlijn door de binnenstad is gelegd,
  • alternatief voor de Noorderbrug tijdens de werkzaamheden voor de ombouw van deze brug,
  • een zinvol onderdeel bij opwaardering van de noordkant van zowel binnenstad als van Wijck.

Het behoud van het bromfietspad over de Noorderbrug biedt de kans om een fietsroute over de spoorbrug scootervrij te houden.